Commissie De Vries: 12% van de sporters ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag

13 december 2017

Twaalf procent van de sporters heeft als kind op z’n minst één ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag. In vier procent van de gevallen gaat het om ernstige vormen van seksueel misbruik zoals aanranding en verkrachting. Dit zijn de conclusies van de Commissie De Vries die onderzoek deed naar seksueel grensoverschrijdend gedrag in de sport. Bij driekwart van de getroffen sporters zijn de eerste ervaringen met seksuele intimidatie en misbruik voor hun zestiende jaar. Dit zijn cijfers die er niet om liegen. En waarvan de gevolgen ook voor ander vrijwilligerswerk gelden.

Toch leiden meldingen van grensoverschrijdend gedrag en misbruik zelden tot vervolgstappen. De Commissie De Vries doet daarom een aantal aanbevelingen. Een daarvan is de meldingsplicht. Alle sporters die weet hebben van seksueel grensoverschrijdend gedrag of misbruik, moeten dit melden bij het bestuur van de vereniging. Ook wil de commissie dat drempels voor het tuchtrecht worden weggenomen. En tot slot wijst de Commissie De Vries op de preventieve maatregelen die verenigingen kunnen nemen. Informatie en contactgegevens over de vertrouwenscontactpersoon moeten standaard worden opgehangen op een centrale plaats. Ook moet het aantal vertrouwenscontactenpersonen bij organisaties worden uitgebreid en hun opleiding geïntensiveerd. Ook moet standaard aan vrijwilligers en betaalde krachten een VOG worden gevraagd.

Alleen voor de sport?

Deze aanbevelingen zijn door de Commissie De Vries gedaan voor sportverenigingen. Tegelijkertijd weten we dat seksueel ongewenst gedrag en misbruik niet alleen in sportverenigingen voorkomt, maar ook in andere vrijwilligersorganisaties. De aanbevelingen zijn dus ook voor andere verenigingen en vrijwilligersorganisaties van belang. Ook voor andere organisaties is een vertrouwenscontactpersoon een belangrijke functie.

 

00000454